• 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
  • 11
  • 12
  • 13
  • 14
  • 15
  • 16
  • 17
zaterdag 11 juli 2020
NIEUWTJES

© RAWEPO

Maandag stond de meerjarenplanning op de agenda van de gemeenteraad, een document dat het beleid voor de komende vijf jaar vastlegt.

De Groenfractie keurde het plan niet goed.

“Omdat we het een gemiste kans vinden”, legt raadslid Kim Buyst uit. “De meerjarenplanning komt over als een verplicht nummertje, maar bevat te weinig prioritaire acties en geen concrete timing. En ondanks de schitterende inspiratienota van de diensten, denken wij dat deze meerjarenplanning alles te veel bij het oude zal laten in plaats van op zoek te gaan naar de nodige vernieuwing.” 

Ondanks de groene nee-stemmen en de onthouding van de NV-A werd het plan goedgekeurd. De basis lag er wel degelijk. Er werd een grondige omgevingsanalyse uitgevoerd die zwaktes, sterktes, kansen en bedreigingen voor onze gemeente onderzocht. Op basis daarvan werden aanbevelingen gedaan en een inspiratienota opgesteld. “Die getuigt volgens ons van een uitstekend inzicht in de gemeentelijke werking en van een langetermijnvisie”, aldus Buyst. De omgevingsanalyse, de aanbevelingen en de inspiratienota, aangevuld met de “visie van het bestuur” moesten het uitgangspunt vormen voor de meerjarenplanning. De ambitie zet zich voort in de tien goed klinkende algemene beleidsdoelstellingen van de planning. 

Waar knelt dan het schoentje? De groenfractie nam ook de honderdelf actiepunten onder de loep die het bestuur aan die tien doelstellingen koppelde: “We moesten vaststellen dat de actiepunten niet volgens het smart-principe opgesteld werden. Een principe dat ervoor zorgt dat doelstellingen eenvoudig en duidelijk opgesteld en gemakkelijk te evalueren zijn”, zegt Kim Buyst, “Er werden geen concreet meetbare doelen opgenomen, geen tussentijdse evaluatiemomenten, geen concrete timing. Er werd volgens ons ook te weinig rekening gehouden met de aanbevelingen uit de omgevingsanalyse en de inspiratienota.

“We vonden ook nergens het meerjarenplan terug van de vorige legislatuur, noch eventuele besluiten die het bestuur hieruit zou getrokken hebben.” 

Negen concrete punten die Kim Buyst aanhaalde in haar tussenkomst op de gemeenteraad (een greep uit de bedenkingen van de groene fractie):

1. Actoren: Per actiepunt werd een actor/verantwoordelijke aangeduid. Alleen is het ons niet helemaal duidelijk wat de taak van de actor per actiepunt is - dragen zij de volledige verantwoordelijkheid? We mogen hopen van niet, want dan is in het kader van 'werkbaar werk' de verdeling niet helemaal eerlijk gebeurd. Er zijn actoren die verantwoordelijk zijn voor 32 van de 111 actiepunten en er zijn er die de verantwoordelijkheid van 2 actiepunten dragen.

2. CO2-uitstoot: Aangezien we als gemeente opnieuw de burgemeestersconvenant ondertekenden, gingen wij er ook vanuit dat er extra ingezet zou worden op het terugdringen van onze CO2- uitstoot. Zeker nu blijkt dat onze gemeente het in het vorige energie- en klimaatactieplan niet gewoon slecht, maar ronduit verschrikkelijk deed. In plaats van een daling van 20 % tegen 2020, stellen we nu een stijging vast van 7%. Valt daarbij op dat de individuele huishoudens hun best deden, maar dat bepaalde beleidsbeslissingen maken dat die individuele inspanningen van de gewone man in de straat gewoon van tafel geveegd werden. We hoopten dus op actiepunten die de daling van CO2- uitstoot met stip op nummer één zouden zetten… 

Zo lezen wij ook dat men bij elke beleidsdoelstelling een klimaatdoelstellingstoets zal uitvoeren. Alleen is niet duidelijk hoe zwaar die toets zal doorwegen en hoe die toets uitgevoerd zal worden. Alles blijft heel vaag en weinig concreet. In deze context zou het aanstellen van een duurzaamheidsambtenaar zeker een meerwaarde kunnen zijn, een idee dat Groen overigens al eerder voorstelde op de gemeenteraad.

3. Landbouw: Om de open ruimte maximaal te vrijwaren, actiepunt 27, zal men gebruik maken van een beleidsplan intensieve landbouw. Het is inderdaad dringend nodig dat er criteria opgesteld worden die onze lokale landbouwers alle kansen geven, maar die tegelijkertijd een halt toe roepen aan de industriële landbouw die zijn ingang gevonden heeft in onze gemeente. Grote serres en industriële landbouwbedrijven zijn immers voor 42 % verantwoordelijk voor onze verhoogde CO2- uitstoot. Van dat cijfer zal geen enkele landbouwer blij worden en zij zullen waarschijnlijk even verbaasd reageren als wij. Is dat een cijfer dat toepasbaar is op al onze landbouwbedrijven of zijn het slechts enkelen die voor deze toename zorgen? Volgens ons de moeite waard om te onderzoeken, zodanig dat de landbouwers die wel stappen vooruit zetten beloond kunnen worden. Tijd dus om duidelijk politieke keuzes te maken en geen ons-kent-ons politiek. Alleen blijkt na navraag bij de burgemeester dat dat beleidsplan nog volop in opmaak is. Wat zal er in tussentijd gebeuren? 

4. Aankoopdienst: We merken op dat er een gedecentraliseerde en gefragmenteerde aankoopdienst is; dat wil zeggen dat bijna elke dienst zelf instaat voor de aankoop van hun benodigdheden. Wij begrijpen niet hoe men dat kan linken aan een duurzaam aankoopbeleid.

5. Personeelsbeleid: We vinden ook geen link tussen het personeelsbeleid en de realisaties van de doelstellingen. Zo zien we bijvoorbeeld actiepunt 5: de uitrol van één organisatiecultuur dat men één huisstijl zal uitwerken en dat in combinatie met een nieuwe website en de uitrol van één intranet. Wie zal dat uitwerken? Wordt er, zoals gevraagd in de inspiratienota, beroep gedaan op externe specialisten? Ondertussen weten we dat het bestuur hiermee bezig is en dat er een studiebureau zal worden aangesteld.

 6. Ruimtelijke ordening: We lezen dat er een nieuw beleidsplan ruimte opgemaakt zal worden en dat juichen wij natuurlijk toe. Er zullen immers andere beslissingen genomen moeten worden, willen we onze open ruimte koesteren. We leerden dat er binnen een jaar een beleidsplan ter goedkeuring op de gemeenteraad zal worden voorgelegd. We kijken reikhalzend uit naar een uitgesproken visie op onze ruimtelijke ordening. Wij willen niet opnieuw geconfronteerd worden met wildgroei aan gebouwen en woningen.

7. Mobiliteit: Ook waren wij als Groene fractie blij vast te stellen dat het STOP-principe, stappers - trappers - openbaar vervoer- personenauto, gepromoot zal worden, actiepunt 33. Alleen vragen wij ons dan af op welke manier men daar in het nieuwe RUP van dorpskern Ravels rekening mee houdt? Of zal men reeds genomen beslissingen terugdraaien?

8. Sociaal beleid: We weten dat we een sociaal huis hebben dat zeer uitgebreid en gedegen werk levert. We zien we in het meerjarenplan echter weinig van terugkomen. We lezen actiepunten die beperkt lijken tot financiële ondersteuning. We kunnen enkel afgaan op wat geschreven staat en men mag wat dat betreft gerust wat meer ambitie hebben voor de toekomst. Zo denken we bij het terugdringen van kinderarmoede (actiepunt 68) bijvoorbeeld ook aan het oprichten van een breed netwerk gericht op tewerkstelling om zo mensen te ondersteunen in hun zoektocht naar werk, de oprichting van een lerend netwerk van verschillende armoedeorganisaties en een beleid op basis van partnerschap. Vereenzaming wil men tegengaan, actiepunt 77, door in te zetten op buurtgerichte zorg en het oprichten van een sociaal restaurant. Maar opnieuw ontbreken er concrete timing, doelstellingen en evaluatiemomenten.

9. Het financiële plaatje: We weten allemaal dat we wonen in een financieel gezonde gemeente: geen leningen, geen belastingverhoging en een overschot op het einde van zes jaar. Dat is te danken aan de meerderheid. Maar toch hebben wij ook daar enkele opmerkingen. Ten eerste kregen wij het volledige plaatje pas maandag te zien, vlak voor de start van de gemeenteraad. Zo wordt het moeilijk om onze taak als oppositie naar behoren te doen. Los daarvan, merkten wij ten tweede op dat er bij het investeringsbudget veel bedragen voorzien worden voor bakstenen en beton. Wij vragen ons af of er geen andere prioriteiten zijn in onze gemeente. En dat brengt ons tot slot inderdaad bij prioritaire acties, of toch het gebrek daaraan. Wanneer wij het financiële plaatje bekijken, kunnen wij slechts enkele prioritaire actiepunten vaststellen. Op welke manier zal er dan bepaald worden welke andere actiepunten eerder dan wel later opgenomen zullen worden?